Repertorium Hulthem

Ons liefs heren

Hulthem-Nr: 
(f. 11ra,37-13rb,30)
Opschrift: 
Ons liefs heren passie ·iij·
Incipit: 
Die soe wale dichten coeste Dat al dat hi begoeste
Explicit: 
Dies onne ons die hemelsche vader Nv segghet amen alle gader
Afrondingsformule: 
Amen Item dit boec van ons heren passie hout---iijc·ende·lxxxix· verse
Weergave inhoud: 
Beter dan mij met onnutte zaken bezig te houden, kan ik u de gebeden op de canonieke uren verklaren, waarbij men de verschillende episoden van het lijden van Jezus Christus overdenkt. Bij de metten gedenkt men dat Hij midden in de nacht werd verraden, verkocht en gevangengenomen door de joden. Bij de priem denkt men aan de bespotting en de voorgeleiding voor Pilatus, daarna [bij de terts] de geseling en doornenkroning. Midden op de dag [te herdenken bij de sext] werd Hij gekruisigd tussen twee misdadigers en Zijn zijde werd met een lans doorstoken. Hij gaf Maria St. Jan als zoon. Bij de noen overdenkt men Zijn sterven, te vespertijd de kruisafneming en de graflegging. Bij de completen denkt men aan Zijn verrijzenis en de verlossing van onschuldigen in de hel. Dit lijden moeten wij vaak overdenken zodat wij ons aan Zijn geboden zullen houden.
Namen: 
Jezus Johannes de Evangelist (St.) Maria, moeder van Jezus Pilatus
Auteurs: 
Anoniem
Anoniem
Datering: onbekend
Over de auteurs van 119 teksteenheden en delen van nr. 108 en 148 is geen enkel gegeven bekend.
Tekstsoort: 
Passie (volgens opschrift); passiegetijden, catechetische tekst.
Vorm: 
rijm: aabb
Lengte: 
389 vss.
Aanvullende informatie: 
Initiaal-D 4 regels hoog, lombarden (2 regels hoog) op onregelmatige plaatsen, Amen met horizontale streep gerubriceerd, marginaal paragraafteken voor het laatste deel van de afrondingsformule. ─ Lombarden vss. 45, 61, 95, 123, 153, 195, 221, 229, 247, 276, 302, 310, 332, 354, 382: structurering o.a. per episode/getijde. Weesrijm: vs. 273; onzuiver rijm: vss. 65/66, 77/78, 89/90, 101/102, 113/114, 147/148, 157/158, 201/202, 211/212, 213/214, 229/230, 259/260, 263/264, 280/281, 302/303 en 364/365.
Petit-Nommer(s): 
1471g
Edities: 
Brinkman/Schenkel 1999 , band 1 p. 158-168
Brinkman/Schenkel 1999 H. Brinkman & J. Schenkel (ed.), Het handschrift-Van Hulthem. Hs. Brussel, Koninklijke Bibliotheek van België, 15.589-623. Diplomatische editie bezorgd door -. Hilversum (Verloren) 1999. 2 banden. Middeleeuwse Verzamelhandschriften uit de Nederlanden 7/1-2.
De Pauw 1893-1914 , dl. 1 p. 46-58
De Pauw 1893-1914 N. de Pauw (ed.), Middelnederlandsche gedichten en fragmenten. Gent (Siffer) 1893-1914. 2 dln.
Sonnemans 1995 , dl. 2 p. 127 (proloog)
Sonnemans 1995 G. Sonnemans, Functionele aspecten van Middelnederlandse versprologen. S.l. (s.n.) 1995. 2 dln. Diss. Nijmegen.
Secundaire literatuur: 
Meertens 1930-1934 , dl. 1 p. 149-150
Meertens 1930-1934 M. Meertens, De godsvrucht in de Nederlanden. Naar handschriften van gebedenboeken der XVe eeuw. Antwerpen etc. (Standaardboekhandel etc.) 1930-1934. 6 dln. [alleen dln. 1-3 en 6 verschenen]. Historische bibliotheek van godsdienstwetenschappen.
Proost 1932 , dl. 1 p. 50-51
Proost 1932 K.F. Proost, De bijbel in de Nederlandsche letterkunde als spiegel der cultuur. Assen (Van Gorcum) 1932. 3 dln.
Sonnemans 1995 , dl. 1 (passim)
Sonnemans 1995 G. Sonnemans, Functionele aspecten van Middelnederlandse versprologen. S.l. (s.n.) 1995. 2 dln. Diss. Nijmegen.
Sonnemans 1996 , p. 49-74
Sonnemans 1996 G. Sonnemans (ed.), Het Tübingse Sint-Geertruihandschrift. Hs. Tübingen UB Me IV 3. Hilversum (Verloren) 1996. Middeleeuwse verzamelhandschriften uit de Nederlanden 3.
Te Winkel 1922-1927 , dl. 1 p. 399-400
Te Winkel 1922-1927 J. te Winkel, De ontwikkelingsgang der Nederlandsche letterkunde. 2e dr. Haarlem (Bohn) 1922-1927. 7 dln. [Ongew. herdr. Utrecht etc., 1973].
Parallellen en varianten: 
(a) vss. 1-389  Tübingen, Universitätsbibliothek, ME IV 3  [1425 - 1450] , f. 1r-24v (langere variant)
Tübingen, Universitätsbibliothek, ME IV 3
Post quem: 1425
Ante quem: 1450
Datering: ca. 1440 (BNM: ongedateerd)
Sonnemans 1996 , p. 14-38
Sonnemans 1996 G. Sonnemans (ed.), Het Tübingse Sint-Geertruihandschrift. Hs. Tübingen UB Me IV 3. Hilversum (Verloren) 1996. Middeleeuwse verzamelhandschriften uit de Nederlanden 3.
Verdam 1906
Verdam 1906 J. Verdam (ed.), 'Het Tübingsche handschrift van Ons Heren passie'. In: Tijdschrift voor Ned. taal- en letterkunde 25 (1906), p. 190-242.
Overeenkomst met Hulthem-nr(s): 3
(b) vss. 159-258  Kopenhagen, Det Kongelige Bibliotek, Rostgaard 160.6 fol.  [1400 - 1450]
Kopenhagen, Det Kongelige Bibliotek, Rostgaard 160.6 fol.
Post quem: 1400
Ante quem: 1450
Datering: eerste helft 15e eeuw
Aanvullende informatie: niet in BNM; er is geen publicatie bekend over dit handschrift; J.G.M. Kienhorst zal het beschrijven en de tekst ervan uitgeven in zijn proefschrift
Overeenkomst met Hulthem-nr(s): 3
Zie: 
Verdam 1906 , (a)
Verdam 1906 J. Verdam (ed.), 'Het Tübingsche handschrift van Ons Heren passie'. In: Tijdschrift voor Ned. taal- en letterkunde 25 (1906), p. 190-242.
Sonnemans 1996 , p. 49-74 (a)
Sonnemans 1996 G. Sonnemans (ed.), Het Tübingse Sint-Geertruihandschrift. Hs. Tübingen UB Me IV 3. Hilversum (Verloren) 1996. Middeleeuwse verzamelhandschriften uit de Nederlanden 3.
Aanvullende informatie bij parallellen en Variant: 
Over (b) zal worden gepubliceerd door J.G.M. Kienhorst in zijn proefschrift.