Repertorium Hulthem

Van enre nonnen verduldechede·C·lxxvj·

Hulthem-Nr: 
176  (f. 181va,35-182ra,4)
Opschrift: 
Van enre nonnen verduldechede·C·lxxvj·
Incipit: 
Alse ghi plaghe hebt ende ongheval Seldi peisen dat ·v· dat al
Explicit: 
Dat wi daer inne werden vonden Dies moet hi ons seluen onnen
Afrondingsformule: 
Amen ·xlviij· verse
Weergave inhoud: 
Als rampspoed en ongeluk u treffen, besef dan dat u dat aan uzelf te wijten hebt. Draag geduldig het lot dat God u toebedeeld heeft. Hij vergeet niemand die zich bij Zijn wil neerlegt. Dit bewijst mijn volgende verhaal. Er was eens een vrome non, die al jarenlang tot God bad om te weten wat het loon voor haar godsvruchtig leven zou zijn. Een stem antwoordde ten slotte: de hel. De non boog voor Gods wil en bleef Hem dienen als tevoren. Na lange tijd hoorde zij weer een stem, die haar zei dat ze door haar geduld de hemel had verdiend. Dus blijf geduldig, want God doet niets zonder reden. Laten wij Hem eerbiedig bidden om hier geduldig te leven. Moge Hij ons dat vergunnen.
Auteurs: 
Jan van Boendale
Jan van Boendale
Ook bekend als: Jan de Clerc van AntwerpenBoendale
Datering: 13e/14e eeuw (1282-ca. 1350)
Auteur van nrs. 14, 47A, 92, 101, 176, 183 en spreuk 1 van nr. 148. Vermoedelijk geboren in Tervueren, 1e vermelding als (hulp)clerc in 1312, later schepenklerk te Antwerpen.
Secundaire literatuur
M. van de Belt, Jan van Boendale. Een studie naar de omvang van zijn oeuvre. (Ongepubl. doctoraalscriptie Utrecht 1990, te raadplegen in de Universiteitsbibiliotheek Utrecht, LB NED SCR-L-714).: (scriptie)
H. Brinkman, 'Een wereldbeeld in verzen'. In: M.A. Schenkeveld-Van der Dussen (hoofdred.), Nederlandse literatuur, een geschiedenis. Groningen (Martinus Nijhoff) 1993, p. 53-58.
A. van Doorn, Jan van Boendale. Een stadsklerk over vorsten en stadraden. (Ongepubl. doctoraalscriptie Utrecht 1988, te raadplegen in de Universiteitsbibliotheek Utrecht, LB NED SCR-L-581).: (scriptie)
P. Génard, 'Jan van Boendale'. In: Het taelverbond (1853), p. 152-210.
P. Génard, Jan van Boendale gezegd Jan de Clerc van Antwerpen. Antwerpen (Peeters) 1853.
J.A. Goris, 'Nieuwe elementen voor de biographie van Jan van Boendale'. In: Versl. & meded. van de Kon. Vl. Acad. voor taal- en letterkunde 1924, p. 153-162.
H. Haerynck, Jan van Boendale ook geheeten Jan de clerc: zijn leven, zijne werken en zijn tijd. Gent (Leliaert & Siffer) 1888.
D. Kinable, Facetten van Boendale. Literair-historische aspecten van Jans teesteye en de Lekenspiegel. Dissertatie (in bewerking).
H.S. Lucas, 'Edward III and the poet chronicler John Boendale'. In: Speculum 12 (1937), p. 367-369.
F.A. Snellaert (ed.), Nederlandsche gedichten uit de veertiende eeuw van Jan van Boendale, Hein van Aken en anderen naar het Oxfordsch handschrift. Brussel (s.n.) 1869.: p. XXXIV-XLVIII en LVIII-LV
M. de Vries (ed.), Der leken spieghel, leerdicht van den jare 1330, door Jan Boendale, gezegd Jan de Clerc, schepenklerk te Antwerpen. Leiden (Du Mortier) 1844-1848. 4 dln. Werken uitgegeven door de Vereeniging ter Bevordering der Oude Nederlandsche Letterkunde.: dl. 1 p. CIII-CXXII
J.F. Willems & J.H. Bormans, De Brabantsche yeesten of rymkronyk van Braband door Jan de Klerk, van Antwerpen. Uitgegeven door ─. Brussel (Hayez) 1839-1869. 3 dln. in 2 bdn. Publications de la Commission Royale d'Histoire de l'Académie Royale de Belgique.: dl. 1 p. X-XXI
Tekstsoort: 
Artestekst (Jansen-Sieben 1989), (mirakel-)sproke (Hogenelst 1997), legende.
Vorm: 
rijm: aabb
Lengte: 
48 vss.
Aanvullende informatie: 
Initiaal-A 2 regels hoog, 1 lombarde (1 regel hoog), Amen met horizontale streep gerubriceerd. ─ Fragment uit Der leken spiegel III, cap. 3 vss. 529-568. ─ Lombarde vs. 19. Onzuiver rijm: vss. 17/18 en 47/48.
Petit-Nommer(s): 
553l
Edities: 
Brinkman/Schenkel 1999 , band 2 p. 942-944
Brinkman/Schenkel 1999 H. Brinkman & J. Schenkel (ed.), Het handschrift-Van Hulthem. Hs. Brussel, Koninklijke Bibliotheek van België, 15.589-623. Diplomatische editie bezorgd door -. Hilversum (Verloren) 1999. 2 banden. Middeleeuwse Verzamelhandschriften uit de Nederlanden 7/1-2.
Snellaert 1846A , p. 339-340
Snellaert 1846A F.A. Snellaert (ed.), 'Sproken (fabliaux)'. In: Belgisch museum 10 (1846), p. 339-341.
Secundaire literatuur: 
Hogenelst 1997 , dl. 2 p. 94 (123)
Hogenelst 1997 D. Hogenelst, Sprekers en sproken. Inleiding op en repertorium van de Middelnederlandse sproke. Amsterdam (Prometheus) 1997. 2 dln. Nederlandse literatuur en cultuur in de Middeleeuwen 15. Diss. Leiden.
Jansen-Sieben 1989 , p. 256
Jansen-Sieben 1989 R. Jansen-Sieben, Repertorium van de Middelnederlandse artes-literatuur. Utrecht (HES) 1989.
Parallellen en varianten: 
(a) vss. 1-48  's-Gravenhage, Koninklijke Bibliotheek, 75 E 63  [1325 - 1375] , f. 94va-vb
's-Gravenhage, Koninklijke Bibliotheek, 75 E 63
(olim O 130, olim K 129a)
Post quem: 1325
Ante quem: 1375
Datering: midden 14e eeuw (BNM: ongedateerd)
De Vries 1844-1848 , dl. 1 p. CXXII-CXXXIX
De Vries 1844-1848 M. de Vries (ed.), Der leken spieghel, leerdicht van den jare 1330, door Jan Boendale, gezegd Jan de Clerc, schepenklerk te Antwerpen. Leiden (Du Mortier) 1844-1848. 4 dln. Werken uitgegeven door de Vereeniging ter Bevordering der Oude Nederlandsche Letterkunde.
Overeenkomst met Hulthem-nr(s): 47A,  108,  spr. 25 148
(b) vss. 1-48  's-Gravenhage, Koninklijke Bibliotheek, KNAW XXIII  [1450 - 1475] , f. 120vb-121ra
's-Gravenhage, Koninklijke Bibliotheek, KNAW XXIII
Post quem: 1450
Ante quem: 1475
Datering: 3e kwart 15e eeuw
Overeenkomst met Hulthem-nr(s): 47A,  92,  148,  spr. 1 176,  183
(c) vss. 1-48  Brussel, Koninklijke Bibliotheek van België, 15.658  [1325 - 1375] , f. ?
Brussel, Koninklijke Bibliotheek van België, 15.658
Post quem: 1325
Ante quem: 1375
Datering: ca. 1350
Overeenkomst met Hulthem-nr(s): 47A,  92,  148,  spr. 1 176,  183,  189
(d) vss. 1-48  's-Gravenhage, Koninklijke Bibliotheek, 75 E 62  [1325 - 1350] , f. ?
's-Gravenhage, Koninklijke Bibliotheek, 75 E 62
(olim O 129, olim K 129)
Post quem: 1325
Ante quem: 1350
Datering: 2e kwart 14e eeuw (BNM: ongedateerd)
Biemans 1997 , p. 90, 225, 258, 439
Biemans 1997 J.A.A.M. Biemans, Onsen Speghele Ystoriale in Vlaemsche. Codicologisch onderzoek naar de overlevering van de Spieghel historiael van Jacob van Maerlant, Philip Utenbroeke en Lodewijk van Velthem met een beschrijving van de handschriften en fragmenten. 2 dln. Leuven (Peeters) 1997. Schrift en schriftdragers in de Nederlanden in de Middeleeuwen II. Diss. Utrecht 1995.
De Vries 1844-1848
De Vries 1844-1848 M. de Vries (ed.), Der leken spieghel, leerdicht van den jare 1330, door Jan Boendale, gezegd Jan de Clerc, schepenklerk te Antwerpen. Leiden (Du Mortier) 1844-1848. 4 dln. Werken uitgegeven door de Vereeniging ter Bevordering der Oude Nederlandsche Letterkunde.
Overeenkomst met Hulthem-nr(s): 92,  (fragment) 148,  spr. 1 176,  183
Zie: 
Jansen-Sieben 1989 , p. 256 (a-d)
Jansen-Sieben 1989 R. Jansen-Sieben, Repertorium van de Middelnederlandse artes-literatuur. Utrecht (HES) 1989.
De Vries 1844-1848 , dl. 1 p. CXXII-CXXXIX (a-d)
De Vries 1844-1848 M. de Vries (ed.), Der leken spieghel, leerdicht van den jare 1330, door Jan Boendale, gezegd Jan de Clerc, schepenklerk te Antwerpen. Leiden (Du Mortier) 1844-1848. 4 dln. Werken uitgegeven door de Vereeniging ter Bevordering der Oude Nederlandsche Letterkunde.
De Vries 1844-1848 , dl. 3 p. 53-54 (a-d)
De Vries 1844-1848 M. de Vries (ed.), Der leken spieghel, leerdicht van den jare 1330, door Jan Boendale, gezegd Jan de Clerc, schepenklerk te Antwerpen. Leiden (Du Mortier) 1844-1848. 4 dln. Werken uitgegeven door de Vereeniging ter Bevordering der Oude Nederlandsche Letterkunde.