Repertorium Hulthem
Vanden verwenden keyser ·xxiiij·
Hulthem-Nr:
24
(f. 34rb,5-35ra,24)
Opschrift:
Vanden verwenden keyser ·xxiiij·
Incipit:
Grote heren ende mechtich
Die in sinnen sijn bedechtich
Explicit:
Dits tere leren ghedicht hem allen
Die bi houerden in sonden vallen
Afrondingsformule:
Explicit
Item desen sproke grote heren ende mechtich
houdt---C·xlij· verse
Weergave inhoud:
Verwaandheid en hovaardij zijn ondeugden. Het volgende verhaal komt mij voor de geest: Een machtige en trotse keizer wilde eens van zijn dienaren weten hoeveel goud ze hem waard achtten. Hij was echter zo verwaand, dat geen van zijn dienaren hem naar waarde durfde te schatten. Een sergiant werd 1000 pond beloofd als hij zijn mening gaf. Deze schatte hem op 29 penningen of minder. Hij legde ook uit hoe hij daaraan kwam: het is een penning minder dan het bedrag waarvoor Jezus Christus door Judas aan Zijn vijanden is verkocht. De keizer was zeker niet meer waard. Toen viel de keizer op zijn knieën, schaamde zich over zijn verwaandheid en beloofde zijn leven te beteren. Heren, neem dit ter harte, verwaandheid is Gode onwelgevallig. Daarom zegt Jan van Hollant dat er geen grotere wijsheid bestaat dan God lief te hebben. Laat dit een les zijn voor allen die zondigen door hovaardij. Publieksaanspreking: vs. 131 ghi heren.
Namen:
Adam
Eva
Jan van Hollant
Jezus
Judas
Lucifer
Yeue (Eva)
Auteurs:
Jan van Hollant
Jan van Hollant
Ook bekend als: Jan dien HollanderJohann Holland?
Datering: 14e eeuw
Auteur van nr. 24 is wellicht dezelfde als heraut Johann Holland, die geboren is in Eggenfelder (Neder-Beieren) en als rijksheraut in dienst van keizer Sigismund, zie Van Anrooij.
Secundaire literatuur
W. van Anrooij, Spiegel van ridderschap. Heraut Gelre en zijn ereredes. Amsterdam (Prometheus) 1990. Nederlandse literatuur en cultuur in de Middeleeuwen 1. Diss. Leiden.: p.49
T. Meder, Sprookspreker in Holland. Leven en werk van Willem van Hildegaersberch (ca. 1400). Amsterdam (Prometheus) 1991. Nederlandse literatuur en cultuur in de Middeleeuwen 3. Diss. Leiden.: p. 446, 447, 643 n. 13
M. Mueller (ed.), Der Ehrenbrief Jakob Putrichs von Reichertshausen, die Turnierreime Johann Hollands, der Namenkatalog Ulrich Fuetrers: Texte mit Einleitung und Kommentar. Ann Arbor (University Microfilms Intern.) 1985. Diss. New York. [Wrs. alleen als microfilm beschikbaar].: p. 147-210
J.F. Willems, 'Berichten wegens oude Nederduitsche dichters'. In: Belgisch museum 1 (1837), p. 326-380.: p. 348
Tekstsoort:
Sproke (volgens afrondingsformule); religieuze sproke (Hogenelst 1997).
Aanvullende informatie:
Initiaal-G 2 regels hoog, Explicit met horizontale streep gerubriceerd. ─ Auteur maakt zich bekend in vs. 138, tekst waarschijnlijk ontstaan rond 1380. ─ Weinig abbreviaturen in verhouding tot andere teksten in dit hs. Herhaling van rijmwoordcombinatie: vss. 17/18 en 25/27, 105/106 en 123/124. Onzuiver rijm: vss. 27/28, 37/38 en 63/64; vierrijm: vss. 1/2/3/4.
Edities:
Alberdingk Thijm 1850-1852
, dl. 1 p. 145-148
Alberdingk Thijm 1850-1852
J.A. Alberdingk Thijm (ed.), Gedichten uit de verschillende tijdperken der Noord- en Zuid-Nederlandsche literatuur. Amsterdam (Van Langenhuysen) 1850-1852. 2 dln.
Brinkman/Schenkel 1999
, band 1 p. 254-258
Brinkman/Schenkel 1999
H. Brinkman & J. Schenkel (ed.), Het handschrift-Van Hulthem. Hs. Brussel, Koninklijke Bibliotheek van België, 15.589-623. Diplomatische editie bezorgd door -. Hilversum (Verloren) 1999. 2 banden. Middeleeuwse Verzamelhandschriften uit de Nederlanden 7/1-2.
Heremans 1858-1864
, dl. 2 p. 14-16
Heremans 1858-1864
J.F.J. Heremans, Nederduitsche dichterhalle. Bloemlezing uit Nederlandsche dichters van de vroegste tijden onzer letterkunde tot op deze dagen, volgens dichtvakken en ouderdom gerangschikt. 2 dln. Gent (Hebbelynck) 1858-1864. Willemsfonds 32.
Willems 1846A
, p. 57-61
Willems 1846A
J.F. Willems (ed.), 'Sproken'. In: Belgisch museum 10 (1846), p. 51-98.
Secundaire literatuur:
Van Anrooij 1990
, p. 49
Van Anrooij 1990
W. van Anrooij, Spiegel van ridderschap. Heraut Gelre en zijn ereredes. Amsterdam (Prometheus) 1990. Nederlandse literatuur en cultuur in de Middeleeuwen 1. Diss. Leiden.
Van Anrooij 1991
, p. 187
Van Anrooij 1991
W. van Anrooij & A.M.J. van Buuren, ''sLevens felheid in één band: het handschrift-Van Hulthem'. In: H. Pleij e.a., Op belofte van profijt. Stadsliteratuur en burgermoraal in de Nederlandse letterkunde van de Middeleeuwen. Amsterdam (Prometheus) 1991, p. 184-199 en 385-391. Nederlandse literatuur en cultuur in de Middeleeuwen 4.
Hogenelst 1994
, p. 270
Hogenelst 1994
D. Hogenelst, 'Zoekplaatje: "Comburg" versus "Hulthem"'. In: J. Reynaert e.a., Wat is wijsheid? Lekenethiek in de Middelnederlandse letterkunde. Amsterdam (Prometheus) 1995, p. 259-273 en 429-433. Nederlandse cultuur en literatuur in de Middeleeuwen 9.
Hogenelst 1997
, dl. 2 p. 44 (44), 243 (350)
Hogenelst 1997
D. Hogenelst, Sprekers en sproken. Inleiding op en repertorium van de Middelnederlandse sproke. Amsterdam (Prometheus) 1997. 2 dln. Nederlandse literatuur en cultuur in de Middeleeuwen 15. Diss. Leiden.
Meder 1991A
, p. 446-447 en 673 n. 13
Meder 1991A
T. Meder, Sprookspreker in Holland. Leven en werk van Willem van Hildegaersberch (ca. 1400). Amsterdam (Prometheus) 1991. Nederlandse literatuur en cultuur in de Middeleeuwen 3. Diss. Leiden.
Pleij 1990A
, p. 81, 98
Pleij 1990A
H. Pleij, Nederlandse literatuur van de late Middeleeuwen. Utrecht (HES) 1990.
De Vries 1856A
, p. 113, 114, 152
De Vries 1856A
M. de Vries, Proeve van Middelnederlandsche taalzuivering: voorbereidende opmerkingen voor de aanstaande uitgave van een Middelnederlandsch woordenboek. Haarlem (Kruseman) 1856.
Verdam 1900-1901
, dl. 2 p. LIII
Verdam 1900-1901
J. Verdam, Die spiegel der sonden. Naar het Münstersche handschrift vanwege de Mij. der Ned. letterkunde te Leiden uitgegeven door ─. Leiden (Brill) 1900-1901. 2 dln.
Willems 1837B
, p. 348
Willems 1837B
J.F. Willems, 'Berichten wegens oude Nederduitsche dichters'. In: Belgisch museum 1 (1837), p. 326-380.
Parallellen en varianten:
1-142
Stuttgart, Württembergische Landesbibliothek, Poët. et philol. fol. 22
[1375 - 1425]
, f. 278rb-279vb (variant: Van eenen verwaenden coninck, andere inhoud)
Stuttgart, Württembergische Landesbibliothek, Poët. et philol. fol. 22
Post quem: 1375
Ante quem: 1425
Datering: 1380-1425
Overeenkomst met Hulthem-nr(s):
2,
18,
24,
44,
71,
(2x)
92,
111,
122,
(2x)
124,
148,
spr. 5
183
Zie:
Brinkman 1997B
, p. 1211-1217
Brinkman 1997B
H. Brinkman & J. Schenkel (ed.), Het Comburgse handschrift. Hs. Stuttgart, Württembergische Landesbibliothek, Cod. poet. et phil. 2º 22. Hilversum (Verloren) 1997. 2 dln. Middeleeuwse Verzamelhandschriften uit de Nederlanden 4/1-2.
Kausler 1840-1866
, dl. 3 p. 204
Kausler 1840-1866
E. (von) Kausler, Denkmäler altniederländischer Sprache und Literatur. Nach ungedrückten Quellen hrsg. von ─. Tübingen (Fues) 1840. 3 dln. [Nachdr. Hildesheim etc. (Olms) 1978].
Serrure 1859-1860A
, p. 146
Serrure 1859-1860A
C.P. Serrure, 'Het groot Hulthemsch handschrift'. In: Vaderlandsch museum 3 (1859-1860), p. 139-164.