Repertorium Hulthem

Den lof van maria

Hulthem-Nr: 
26  (f. 36rb,13-37vb,33)
Opschrift: 
Den lof van maria ghemaect op drie stauen ·xxvj·
Incipit: 
Hoert na mi ic wille beghinnen Den lof der weerder coninghinnen
Explicit: 
Enen pater noster ende enen Aue marie Dat god ons allen ghebenedie
Afrondingsformule: 
Amen Item desen sproke hoert na mi et cetera houdt---ijc·ende·lxxxiiij· verse
Weergave inhoud: 
Luister naar mijn verhaal over de lof van Maria. Drie wijze en geleerde dichters, Aelbrecht van Colne [Albertus Magnus], Heynric Formator uit Dorneke [Hendrik van Gent] en Jacob van Merlant wedijverden eens met elkaar wie het beste de lof van Maria kan bezingen. Ze maakten elk een kort lofdicht, respectievelijk op haar edelheid, haar zuiverheid en haar ootmoedigheid. Jacob van Merlant werd door de andere twee als meester erkend. Ze verzochten hem om een staf voor hen te maken van Maria's deugd, zodat ze daar dag en nacht op konden steunen. Jacob van Merlant maakte toen een lang lofdicht op drie staven van Maria, namelijk op haar drie genoemde deugden. Hij verzocht de meesters deze staven te gebruiken als rustpunt van de avond tot de morgen. Dat moeten wij ook doen. Tot slot bidden we een paternoster en een avemaria opdat God ons moge zegenen.
Namen: 
Adam Aelbrecht van Colne (Albertus Magnus) Albertus Magnus Diets Donau Doornik Eva Gabriël (St.) Hendrik Formator (Hendrik van Gent) Hendrik van Gent Jacob van Maerlant Lucifer Maria, moeder van Jezus Montpellier Parijs Yeue (Eva)
Auteurs: 
Martijn van Torhout?
Martijn van Torhout?
Ook bekend als: Martijn van Thorout
Datering: 13e eeuw
Bewerker of vermeend auteur van nrs. 26, 39 en 158. Auteurschap omstreden, zie secundaire literatuur.
Secundaire literatuur
W.H. Beuken, 'Het auteurschap van het Rijmboek van Audenaerde'. In: C.C. Berg, W.H. Beuken, H.L. Bezoen e.a., Album philologicum voor prof. dr. Th. Baader. Nijmegen (Centr. Drukkerij) s.a. [1939], p. 149-156.
M. Gysseling (ed.), Corpus van Middelnederlandse teksten (tot en met het jaar 1300). Reeks 2: Literaire handschriften. 's-Gravenhage (Nijhoff) 1980-1987. 6 dln.: dl. 1 p. 396 en 400
M. Hoebeke, 'Nogmaals Martijn van Torhout'. In: Wetenschappelijke tijdingen 30 (1971), p. 94-98.
J.A.N. Knuttel, 'Van den levene ons heren'. In: Tijdschrift voor Ned. taal- en letterkunde 64 (1946), p. 81-96.: p. 86
J. van Mierlo, 'Martijn van Torhout, een nieuw dichter van beteekenis uit de dertiende eeuw'. In: Versl. & meded. van de Kon. Vl. Acad. voor taal- en letterkunde 1938, p. 331-375.
J. van Mierlo, 'Het auteurschap van Martijn van Torhout voor de gedichten van de Oudenaardschen codex gehandhaafd'. In: Versl. & meded. van de Kon. Vl. Acad. voor taal- en letterkunde 1939, p. 513-524.
J. van Mierlo, 'Een geestelijk lied uit de XIIIe eeuw'. In: Versl. & meded. van de Kon. Vl. Acad. voor taal- en letterkunde 1941, p. 303-319.
J. van Mierlo, De letterkunde van de Middeleeuwen. 2e, herz. en verm. dr. 's-Hertogenbosch etc. (Malmberg etc.) 1949. Geschiedenis van de letterkunde der Nederlanden. Onder redactie van F. Baur, W.J.M.A. Asselbergs, J. van Mierlo e.a. Dl. 1 en 2.: dl. 1 p. 190
Tekstsoort: 
Sproke (volgens afrondingsformule); dichtersstrijdgedicht (Wachinger 1973), religieus lofdicht (Hogenelst 1997).
Vorm: 
rijm: aabb
Lengte: 
282 vss.
Aanvullende informatie: 
Initiaal-H 2 regels hoog, lombarden (1 regel hoog) op onregelmatige plaatsen, Amen met horizontale streep gerubriceerd. ─ Vss. 144, 204 en 278 gelijkluidend. Tekstdatering rond of na 2e helft 13e eeuw: Jacob van Maerlant (1225/1235-1291/1300), Albertus Magnus (ca. 1200-15 november 1280) en Hendrik van Gent (ca. 1220-29 juni 1293). ─ Aantal vss. volgens afrondingsformule: 284. Lombarden vss. 51, 79, 131, 149, 181, 211: structurering per dichter en per staf. Onzuiver rijm vss. 21/22, 93/94, 143/144, 155/156, 197/198, 203/204, 261/262, 271/272 en 277/278; gelijk rijm: vss. 115/116.
Petit-Nommer(s): 
1473b
Edities: 
Brinkman/Schenkel 1999 , band 1 p. 264-271
Brinkman/Schenkel 1999 H. Brinkman & J. Schenkel (ed.), Het handschrift-Van Hulthem. Hs. Brussel, Koninklijke Bibliotheek van België, 15.589-623. Diplomatische editie bezorgd door -. Hilversum (Verloren) 1999. 2 banden. Middeleeuwse Verzamelhandschriften uit de Nederlanden 7/1-2.
Franck 1899 , p. 278-282 (paralleltekst + tekstvarianten in hs.-Van Hulthem)
Franck 1899 J. Franck, 'Mittelniederländisches aus Köln'. In: Tijdschrift voor Ned. taal- en letterkunde 18 (1899), p. 268-283.
De Pauw 1888A , p. 141-143 (fragmenten)
De Pauw 1888A N. de Pauw, 'Note sur le vrai nom du docteur solennel Henri de Gand'. In: Compte rendu des séances de la Commission Royale d'Histoire, ou recueil de ses bulletins, 4e reeks nr. 15 (1888), p. 135-145.
De Pauw 1889 , p. 96-104
De Pauw 1889 N. de Pauw, 'Dernières découvertes concernant le Docteur solennel Henri le Gand, fils de Jean le Tailleur (Formator ou De Sceppere)'. In: Compte rendu des séances de la Commission Royale d'Histoire, ou recueil de ses bulletins, 4e reeks nr. 16 (1889), p. 27-138.
De Pauw 1893-1914 , dl. 1 p. 1-10
De Pauw 1893-1914 N. de Pauw (ed.), Middelnederlandsche gedichten en fragmenten. Gent (Siffer) 1893-1914. 2 dln.
Sonnemans 1995 , dl. 2 p. 95 (proloog)
Sonnemans 1995 G. Sonnemans, Functionele aspecten van Middelnederlandse versprologen. S.l. (s.n.) 1995. 2 dln. Diss. Nijmegen.
Secundaire literatuur: 
Burghoorn 1984 , (scriptie)
Burghoorn 1984 J. Burghoorn, Maria in Hulthem. Een onderzoek naar de achtergronden van drie Maria-gedichten uit het handschrift van Hulthem, ingeleid, geannoteerd en van een toelichting voorzien. (Ongepubl. doctoraalscriptie Ermelo 1984, te raadplegen in de Universiteitsbibliotheek Utrecht, LB NED SCR-L-357).
Friedrich 1934 , p. 41
Friedrich 1934 W. Friedrich, Der lateinische Hintergrund zu Maerlants "Disputacie". Leipzig (Verlag der Werkgemeinschaft) 1934. Diss. Leipzig.
Hogenelst 1997 , dl. 2 p. 45-46 (46)
Hogenelst 1997 D. Hogenelst, Sprekers en sproken. Inleiding op en repertorium van de Middelnederlandse sproke. Amsterdam (Prometheus) 1997. 2 dln. Nederlandse literatuur en cultuur in de Middeleeuwen 15. Diss. Leiden.
Kalff 1906-1912 , dl. 1 p. 489
Kalff 1906-1912 G. Kalff, Geschiedenis der Nederlandsche letterkunde. Groningen (Wolters) 1906-1912. 7 dln.
Knuttel 1946 , p. 86-87
Knuttel 1946 J.A.N. Knuttel, 'Van den levene ons heren'. In: Tijdschrift voor Ned. taal- en letterkunde 64 (1946), p. 81-96.
Laga 1956 , (licentiaatsverhandeling)
Laga 1956 G. Laga, Maria in de Middelnederlandse letterkunde. Onderzoek van de voorstellingswijze in de diverse literaire genres en van het parallellisme in de plastische kunsten. Licentiaatsverhandeling Leuven 1956.
Van Mierlo 1941B
Van Mierlo 1941B J. van Mierlo, 'Een geestelijk lied uit de XIIIe eeuw'. In: Versl. & meded. van de Kon. Vl. Acad. voor taal- en letterkunde 1941, p. 303-319.
Van Mierlo 1946 , p. 111 n. 10
Van Mierlo 1946 J. van Mierlo, Jacob van Maerlant. Zijn leven ─ zijn werken ─ zijn beteekenis. Turnhout (Van Mierlo-Proost) 1946. Uitg. der Kon. Vl. Acad. voor taal- en letterkunde, reeks 3 nr. 25.
Van Mierlo 1949 , dl. 1 p. 231-232, 362
Van Mierlo 1949 J. van Mierlo, De letterkunde van de Middeleeuwen. 2e, herz. en verm. dr. 's-Hertogenbosch etc. (Malmberg etc.) 1949. Geschiedenis van de letterkunde der Nederlanden. Onder redactie van F. Baur, W.J.M.A. Asselbergs, J. van Mierlo e.a. Dl. 1 en 2.
Oosterman 1995A , p. 121
Oosterman 1995A J.B. Oosterman, De gratie van het gebed. Overlevering en functie van Middelnederlandse berijmde gebeden. Amsterdam (Prometheus) 1995. Nederlandse literatuur en cultuur in de Middeleeuwen 12. Diss. Leiden.
Van Oostrom 1996 , p. 419, 499
Van Oostrom 1996 F. van Oostrom, Maerlants wereld. Amsterdam (Prometheus) 1996.
De Pauw 1888A
De Pauw 1888A N. de Pauw, 'Note sur le vrai nom du docteur solennel Henri de Gand'. In: Compte rendu des séances de la Commission Royale d'Histoire, ou recueil de ses bulletins, 4e reeks nr. 15 (1888), p. 135-145.
De Pauw 1889
De Pauw 1889 N. de Pauw, 'Dernières découvertes concernant le Docteur solennel Henri le Gand, fils de Jean le Tailleur (Formator ou De Sceppere)'. In: Compte rendu des séances de la Commission Royale d'Histoire, ou recueil de ses bulletins, 4e reeks nr. 16 (1889), p. 27-138.
Sonnemans 1990 , p. 249 n. 72
Sonnemans 1990 G.H.P. Sonnemans, 'De openingsstruktuur van Middelnederlandse teksten'. In: Spiegel der letteren 32 (1990), p. 231-259.
Sonnemans 1995 , dl. 1 p. 163
Sonnemans 1995 G. Sonnemans, Functionele aspecten van Middelnederlandse versprologen. S.l. (s.n.) 1995. 2 dln. Diss. Nijmegen.
De Voght 1941 , p. 48-49
De Voght 1941 J. de Voght, Maria in de Middelnederlandsche poëzie. Tongerloo (St. Norbertus Boekhandel) 1941.
Wachinger 1973
Wachinger 1973 B. Wachinger, Sängerkrieg; Untersuchungen zur Spruchdichtung des 13. Jahrhunderts. München (Beck) 1973. Münchener Texte und Untersuchungen 42.
Wauters 1889
Wauters 1889 A. Wauters, 'Sur la signification du mot latin Formator, à propos de Henri le Gand'. In: Compte rendu des séances de la Commission Royale d'Histoire, ou recueil de ses bulletins, 4e reeks nr. 16 (1889), p. 12-15.
Te Winkel 1887 , p. 431
Te Winkel 1887 J. te Winkel, Geschiedenis der Nederlandsche letterkunde. Haarlem (Bohn) 1887.
Te Winkel 1922-1927 , dl. 2 p. 58
Te Winkel 1922-1927 J. te Winkel, De ontwikkelingsgang der Nederlandsche letterkunde. 2e dr. Haarlem (Bohn) 1922-1927. 7 dln. [Ongew. herdr. Utrecht etc., 1973].
Parallellen en varianten: 
(a) vss. 1-282  Keulen, Historisches Archiv, GB oct. 69  [1100 - 1600] , f. 1r-9v
Keulen, Historisches Archiv, GB oct. 69
Post quem: 1100
Ante quem: 1600
Datering: datering onbekend (BNM: ongedateerd)
Overeenkomst met Hulthem-nr(s): 26
(b) vss. 1-282  Wiesbaden, Hess. Hauptstaatsarchiv, 3004 B 10  [1400 - 1425] , f. 90ra-91rb
Wiesbaden, Hess. Hauptstaatsarchiv, 3004 B 10
Post quem: 1400
Ante quem: 1425
Datering: ca. 1410
Overeenkomst met Hulthem-nr(s): 26
Zie: 
Deschamps 1972 , p. 245 (b)
Deschamps 1972 J. Deschamps, Middelnederlandse handschriften uit Europese en Amerikaanse bibliotheken. Catalogus [van de] tentoonstelling ter gelegenheid van het honderdjarig bestaan van de Koninklijke Zuidnederlandse Maatschappij voor taal- en letterkunde en geschiedenis [in de] Koninklijke Bibliotheek Albert I [te] Brussel, 24 okt.-24 dec. 1970. 2e herz. dr. Leiden (Brill) 1972.
Franck 1899 , p. 278-282 (a)
Franck 1899 J. Franck, 'Mittelniederländisches aus Köln'. In: Tijdschrift voor Ned. taal- en letterkunde 18 (1899), p. 268-283.
De Pauw 1893-1914 , dl. 1 p. 693-699 (a)
De Pauw 1893-1914 N. de Pauw (ed.), Middelnederlandsche gedichten en fragmenten. Gent (Siffer) 1893-1914. 2 dln.
Renger 1987 , dl. 1 p. 22-34, 59-60 (b)
Renger 1987 M.O. Renger, The Wiesbaden Codex B 10 and Netherlandish art around 1410. Ann Arbor, Michigan (Univ. Microfilms Int.) 1987. 2 dln in 1 bd. Thesis Harvard University Cambridge, Massachusetts 1985.