Repertorium Hulthem

Van onser vrouwen ene bedinghe ·xxxix·

Hulthem-Nr: 
39  (f. 44vb,33-45vb,7)
Opschrift: 
Van onser vrouwen ene bedinghe ·xxxix·
Incipit: 
Maria vrouwe moeder ons heren Mine herte moetti daer toe bekeren
Explicit: 
Ende ghi en sult ghenade vinden Tonsen behoef ane ·v· kint
Afrondingsformule: 
Amen Item desen sproke hout---C·ende·xlvj· verse
Weergave inhoud: 
Maria, Moeder van onze Heer, aan u die zo deugdzaam zijt, beken ik dat ik gezondigd heb jegens uw Zoon. Bid voor mij, want ik heb uw hulp nodig: bescherm mij tegen de eeuwige dood. Wees mijn middelares bij uw Kind, edele vrouwe en ontvang deze bede. Ik loof u, edele koningin, door wie God mens is geworden en die ons het paradijs heeft weergegeven waar Adam en Eva uit zijn verdreven. Door u nam de nacht van droefheid en ellende een einde. Gods en onze Moeder, door u werd God onze Broeder en werden wij van de dood gered. U zij geloofd boven de engelen. Wees dan mijn leidsvrouwe en toeverlaat nu mijn ziel door zware zonden is gebonden. Laat mij niet tevergeefs smeken tot u die vol van genaden zijt en bid voor mij om genade bij onze Hemelse Vader.
Namen: 
Adam Eva Maria, moeder van Jezus
Auteurs: 
Martijn van Torhout?
Martijn van Torhout?
Ook bekend als: Martijn van Thorout
Datering: 13e eeuw
Bewerker of vermeend auteur van nrs. 26, 39 en 158. Auteurschap omstreden, zie secundaire literatuur.
Secundaire literatuur
W.H. Beuken, 'Het auteurschap van het Rijmboek van Audenaerde'. In: C.C. Berg, W.H. Beuken, H.L. Bezoen e.a., Album philologicum voor prof. dr. Th. Baader. Nijmegen (Centr. Drukkerij) s.a. [1939], p. 149-156.
M. Gysseling (ed.), Corpus van Middelnederlandse teksten (tot en met het jaar 1300). Reeks 2: Literaire handschriften. 's-Gravenhage (Nijhoff) 1980-1987. 6 dln.: dl. 1 p. 396 en 400
M. Hoebeke, 'Nogmaals Martijn van Torhout'. In: Wetenschappelijke tijdingen 30 (1971), p. 94-98.
J.A.N. Knuttel, 'Van den levene ons heren'. In: Tijdschrift voor Ned. taal- en letterkunde 64 (1946), p. 81-96.: p. 86
J. van Mierlo, 'Martijn van Torhout, een nieuw dichter van beteekenis uit de dertiende eeuw'. In: Versl. & meded. van de Kon. Vl. Acad. voor taal- en letterkunde 1938, p. 331-375.
J. van Mierlo, 'Het auteurschap van Martijn van Torhout voor de gedichten van de Oudenaardschen codex gehandhaafd'. In: Versl. & meded. van de Kon. Vl. Acad. voor taal- en letterkunde 1939, p. 513-524.
J. van Mierlo, 'Een geestelijk lied uit de XIIIe eeuw'. In: Versl. & meded. van de Kon. Vl. Acad. voor taal- en letterkunde 1941, p. 303-319.
J. van Mierlo, De letterkunde van de Middeleeuwen. 2e, herz. en verm. dr. 's-Hertogenbosch etc. (Malmberg etc.) 1949. Geschiedenis van de letterkunde der Nederlanden. Onder redactie van F. Baur, W.J.M.A. Asselbergs, J. van Mierlo e.a. Dl. 1 en 2.: dl. 1 p. 190
Tekstsoort: 
Bedinghe (volgens opschrift), sproke (volgens afrondingsformule); gebed (tot Maria).
Vorm: 
rijm: aabb/aaabcccb
Lengte: 
145 vss.
Aanvullende informatie: 
Initiaal-M 2 regels hoog, 1 lombarde 1 regel hoog, Amen met horizontale streep gerubriceerd. ─ Tekstdatering vóór ca. 1350 (Oosterman 1995A). ─ Aantal vss. volgens afrondingsformule: 146. Rijmschema overwegend aaabcccb, echter vss. 1-42 aabb. Lombarde vs. 43. Wellicht compilatie van (later toegevoegde) inleiding + (ouder) gebed. Gelet op het rijmschema mankeert tussen vss. 114 en 117 een vers. Onzuiver rijm: vss. 3/4, 9/10, 17/18 en 76/77.
Petit-Nommer(s): 
1678g
Edities: 
Brinkman/Schenkel 1999 , band 1 p. 304-308
Brinkman/Schenkel 1999 H. Brinkman & J. Schenkel (ed.), Het handschrift-Van Hulthem. Hs. Brussel, Koninklijke Bibliotheek van België, 15.589-623. Diplomatische editie bezorgd door -. Hilversum (Verloren) 1999. 2 banden. Middeleeuwse Verzamelhandschriften uit de Nederlanden 7/1-2.
De Pauw 1893-1914 , dl. 1 p. 11-15
De Pauw 1893-1914 N. de Pauw (ed.), Middelnederlandsche gedichten en fragmenten. Gent (Siffer) 1893-1914. 2 dln.
Van Mierlo 1941B , p. 314-319 (fragment)
Van Mierlo 1941B J. van Mierlo, 'Een geestelijk lied uit de XIIIe eeuw'. In: Versl. & meded. van de Kon. Vl. Acad. voor taal- en letterkunde 1941, p. 303-319.
Verwijs 1965 , dl. 2 p. 187-190 (fragment)
Verwijs 1965 Verwijs' Bloemlezing uit de Middelnederlandse dichtkunst, herzien door C.C. de Bruin. 2e dr. Zutphen (Thieme) 1965. 3 dln.
Secundaire literatuur: 
Burghoorn 1984 , (scriptie)
Burghoorn 1984 J. Burghoorn, Maria in Hulthem. Een onderzoek naar de achtergronden van drie Maria-gedichten uit het handschrift van Hulthem, ingeleid, geannoteerd en van een toelichting voorzien. (Ongepubl. doctoraalscriptie Ermelo 1984, te raadplegen in de Universiteitsbibliotheek Utrecht, LB NED SCR-L-357).
Knuttel 1946 , p. 86
Knuttel 1946 J.A.N. Knuttel, 'Van den levene ons heren'. In: Tijdschrift voor Ned. taal- en letterkunde 64 (1946), p. 81-96.
Laga 1956 , (licentiaatsverhandeling)
Laga 1956 G. Laga, Maria in de Middelnederlandse letterkunde. Onderzoek van de voorstellingswijze in de diverse literaire genres en van het parallellisme in de plastische kunsten. Licentiaatsverhandeling Leuven 1956.
Van Mierlo 1938A
Van Mierlo 1938A J. van Mierlo, 'Martijn van Torhout, een nieuw dichter van beteekenis uit de dertiende eeuw'. In: Versl. & meded. van de Kon. Vl. Acad. voor taal- en letterkunde 1938, p. 331-375.
Van Mierlo 1939B
Van Mierlo 1939B J. van Mierlo, 'Het auteurschap van Martijn van Torhout voor de gedichten van de Oudenaardschen codex gehandhaafd'. In: Versl. & meded. van de Kon. Vl. Acad. voor taal- en letterkunde 1939, p. 513-524.
Van Mierlo 1941B
Van Mierlo 1941B J. van Mierlo, 'Een geestelijk lied uit de XIIIe eeuw'. In: Versl. & meded. van de Kon. Vl. Acad. voor taal- en letterkunde 1941, p. 303-319.
Oosterman 1995A , p. 121-123, 363 n. 69, 364 n. 79, 367 n. 25, 376 n. 160 en 162, 384 n. 29/30 en 33
Oosterman 1995A J.B. Oosterman, De gratie van het gebed. Overlevering en functie van Middelnederlandse berijmde gebeden. Amsterdam (Prometheus) 1995. Nederlandse literatuur en cultuur in de Middeleeuwen 12. Diss. Leiden.
Te Winkel 1922-1927 , dl. 2 p. 59
Te Winkel 1922-1927 J. te Winkel, De ontwikkelingsgang der Nederlandsche letterkunde. 2e dr. Haarlem (Bohn) 1922-1927. 7 dln. [Ongew. herdr. Utrecht etc., 1973].
Parallellen en varianten: 
(a) vss. 86-145  Oudenaarde, Stadsbibliotheek, 5576  [1275 - 1325] , f. 62(?)ra-va (begin ontbreekt)
Oudenaarde, Stadsbibliotheek, 5576
(olim Stadsarchief 32)
Post quem: 1275
Ante quem: 1325
Datering: ca. 1300
Overeenkomst met Hulthem-nr(s): 5,  39,  158
(b) vss. ?  Brussel, Koninklijke Bibliotheek van België, 19.588  [1400 - 1500] , f. 119v-122v (begin ontbreekt)
Brussel, Koninklijke Bibliotheek van België, 19.588
Post quem: 1400
Ante quem: 1500
Datering: 15e eeuw
Overeenkomst met Hulthem-nr(s): 17,  39,  40,  42,  43,  83,  85,  104,  190
(c) vss. ?  Brussel, Koninklijke Bibliotheek van België, IV 1.096  [1400 - 1425] , f. 69v-71v (begin ontbreekt)
Brussel, Koninklijke Bibliotheek van België, IV 1.096
Post quem: 1400
Ante quem: 1425
Datering: 1410-1420 (BNM: ca. 1420)
Oosterman 1995A , p. 335 (52)
Oosterman 1995A J.B. Oosterman, De gratie van het gebed. Overlevering en functie van Middelnederlandse berijmde gebeden. Amsterdam (Prometheus) 1995. Nederlandse literatuur en cultuur in de Middeleeuwen 12. Diss. Leiden.
Overeenkomst met Hulthem-nr(s): 7,  39,  85
(d) vss. 43-145  Brussel, Koninklijke Bibliotheek van België, IV 1.239  [1450 - 1500] , f. 152r-153r (begin ontbreekt)
Brussel, Koninklijke Bibliotheek van België, IV 1.239
Post quem: 1450
Ante quem: 1500
Datering: 2e helft 15e eeuw
Oosterman 1995A , p. 335 (54)
Oosterman 1995A J.B. Oosterman, De gratie van het gebed. Overlevering en functie van Middelnederlandse berijmde gebeden. Amsterdam (Prometheus) 1995. Nederlandse literatuur en cultuur in de Middeleeuwen 12. Diss. Leiden.
Aanvullende informatie: niet gevonden in BNM
Overeenkomst met Hulthem-nr(s): 39
Zie: 
Gysseling 1980-1987 , dl. 1 p. 497-498 (a)
Gysseling 1980-1987 M. Gysseling (ed.), Corpus van Middelnederlandse teksten (tot en met het jaar 1300). Reeks 2: Literaire handschriften. 's-Gravenhage (Nijhoff) 1980-1987. 6 dln.
Van der Meersch 1839 , (a)
Van der Meersch 1839 D.J. van der Meersch, 'Verslag wegens een rijmboek van Martijn van Thorout uit de XIIe eeuw'. In: Belgisch museum 3 (1839), p. 197-218.
Van Mierlo 1941B , p. 314-319 (a)
Van Mierlo 1941B J. van Mierlo, 'Een geestelijk lied uit de XIIIe eeuw'. In: Versl. & meded. van de Kon. Vl. Acad. voor taal- en letterkunde 1941, p. 303-319.
Oosterman 1995A , p. 276 (190) (a-d)
Oosterman 1995A J.B. Oosterman, De gratie van het gebed. Overlevering en functie van Middelnederlandse berijmde gebeden. Amsterdam (Prometheus) 1995. Nederlandse literatuur en cultuur in de Middeleeuwen 12. Diss. Leiden.
De Pauw 1893-1914 , dl. 1 p. 299-301 (a)
De Pauw 1893-1914 N. de Pauw (ed.), Middelnederlandsche gedichten en fragmenten. Gent (Siffer) 1893-1914. 2 dln.
Verwijs 1965 , dl. 2 p. 186-190 (a)
Verwijs 1965 Verwijs' Bloemlezing uit de Middelnederlandse dichtkunst, herzien door C.C. de Bruin. 2e dr. Zutphen (Thieme) 1965. 3 dln.